Tabakswereld gaat in het offensief

Horecazaken kunnen het rookverbod vanaf 1 januari omzeilen met een aparte rookruimte. Heyndrickx roept die restaurants op zich bij de Tabaknatie te melden.

Afgevaardigd bestuurder Henny Heyndrickx van Tabaknatie over 'het nakende tabaksverbod' :

,Ik kan leven met die bescheiden ruimte, maar dit is echt een boycot van de sigaret. Wat is het anders? België is in de strijd tegen het roken koploper met een aantal andere landen. Blijkbaar moet hier alles verboden worden. Na de tabak krijgen we straks misschien het whiskyverbod. Wie hier nog rookt, wordt een beetje als een gangster beschouwd.''

BRON (portie)

Henny, toch! Dit is geen boycot van de sigaret, althans nog niet.

'Wat is het anders?' is een ad ignorantiam in vraagvorm. Dit denkfout bestaat erin gelijk te krijgen door de onwetendheid van de tegenstander uit te buiten. Het is ook een denkfout omdat het de bewering ('Het is een boycot!') voorstelt alsof er geen andere mogelijkheid is. Het is naar conclusies springen: nog voor alle mogelijkheden zijn uitgeprobeerd een 'definitieve' conclusie trekken. Het kan bijvoorbeeld een beperking zijn of een 'hertekening' van de cafékaart die niet gewenst is door de rokers. Een boycot voor de één is een verbod voor de ander. Het is geladen taal, want de woordkeuze van 'boycot' heeft een negatieve bijklank, bijna als een aanslag op de autonomie van het individu. (ik denk hierbij aan orkestrale muziek van Wagner) 'Blijkbaar moet hier alles verboden worden' is een ongerechtvaardigde veralgemening of secundum quid. Het dramatiseert zodanig het nakend tabaksverbod dat het in een apocalyptische reflex de rest van de schepping betrekt.

'Na de tabak krijgen we straks misschien het whiskyverbod.' is een mooi voorbeeld van de slippery slope. Een gebeurtenis leidt naar een andere en voor je het weet is't verloren. Het is niet noodzakelijk zo dat er dan een whiskyverbod volgt. De mogelijkheid zelve dat die kan gebeuren is ook geen goede reden om tegen 'het nakende tabakverbod' te zijn.

'Wie hier nog rookt, wordt een beetje als een gangster beschouwd' is een stropopredenering. Die denkfout is de mening van de tegenstander zo verdraaien dat het gemakkelijk wordt haar te weerleggen. Henny stelt de wet voor als maatregel tegen tabak voor als een aanval op de mafia of gangsters, i.e. rokers. Door de wet zo voorstellen kan hij zijn eigen mening gemakkelijker doordrukken. Een grappig voorbeeld uit How to Win Every Argument, p. 156:

We should liberalize the laws on marijuana.
'No, Any society with unrestricted access to drugs loses its work ethic and goes only for immediate gratification.'

Met zo'n voorstelling wordt het gemakkelijk tegen de liberalisering te zijn.

Henny is een straf drogredenaar. Zes drogredenen in vijf zinnen (één zin is niet besproken: 'België is koploper...' is een ad hominem implicerend dat België heel veel slecht doet voor de rokers. Maar die vond ik wat flauw.)

Mijn intuïtie sms't mij dat sommige mensen die zich benadeeld voelen, geneigd zijn om doortrapter te communiceren. Kijk maar naar de politieke oppositie.

Geen opmerkingen: