
Ethiek en geboden
Ik geloof dat de waarde van ethische beslissingen alleen op menselijke schaal beoordeeld kan worden. Nemen we nu de Tien Geboden als voorbeeld.
- Ik ben de eeuwige uw God die u uit het land Egypte, uit het diensthuis, geleid heb.
- Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben.
- Gij zult de naam van de eeuwige uw god, niet ijdel gebruiken.
- Gedenk de Sjabbat, dat gij die heiligt.
- Eer uw vader en uw moeder.
- Gij zult niet doodslaan.
- Gij zult niet echtbreken.
- Gij zult niet stelen.
- Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste.
- Gij zult niets begeren dat van uw naaste is.
Van die geboden zijn er maar enkele nuttig. Op welke manier wordt de wereld nu beter als je het eerste tot het vierde bod volgt? Hoe kun je meten of het volgen van die geboden iets opbrengt voor de mensheid? Zou iemand als 'immoreel' beschouwd kunnen worden als die die bepaalde geboden niet volgt?
Ik volg die eerste vier geboden uitdrukkelijk niet (die andere in opportune mate). Is er een deontologisch of consequentialistische redenering die het niet volgen ervan moreel problematisch maakt? Ik denk het niet.
Miljoenen jongetjes en meisjes worden jaarlijks besneden, omdat de traditie dat vereist, religieus of cultureel. Is dat nu goed omdat die traditie dat vereist?
Het lijkt sterkt op de ad autoritatem of de ad baculum dat je die dingen zou moeten doen. Daar gaat ethiek helemaal niet over. Ethiek gaat over het verminderen van ongeluk of het vermeerderen van geluk. Wie omwille van de regels zelf de regels volgt, kan dan voor het Goede zorgen in deze wereld - het Goede dat eruit voortvloeit is dan een onvoorspeld zijdelings effect.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten