Het hoofddoekendebat... revisited


De federale en Vlaamse overheid hebben geen officiële richtlijn over het dragen van een hoofddoek. Elk afdelingshoofd beslist daar autonoom over. Alleen de VDAB nam wel een duidelijk standpunt in. ,,Werknemers mogen een hoofddoek dragen'', zegt Nancy Vercammen. ,,Daar zijn soms klachten van cliënten (werkzoekenden) over, maar dan leggen we uit dat wij alle vormen van directe of indirecte discriminatie moeten vermijden. Als werkzoekenden een hoofddoek dragen, dan staan onze trajectbegeleiders wel even stil bij de problemen die ze kunnen ondervinden bij werkgevers. Maar we zeggen ook dat we hen maximaal zullen ondersteunen om werk te vinden en dat ze moeten weten dat veel werkgevers er geen probleem van maken.''

BRON (portie)

Kleren die de uitoefening van het werk (je job doen), de vertegenwoordigende functie ervan (bedrijf vertegenwoordigen), of de positieve ontwikkeling ervan hinderen (slechte verkoop door het misplaatst etaleren van de eigen identiteit) moeten uit. Of die nu religieus (hoofddoek, kruisje, pruik, dreadlocks) zijn of seculier (hanenkam, flosjen, petjes,...). Waarom?


  • zij kunnen gevaar opleveren (vb. met je dreadlocks vast komen te zitten en vermorzeld worden)

  • zij schaden het profiel van het bedrijf

  • zij behoren tot de privésfeer

  • zij kunnen wrevel opwekken bij klanten

  • de werkgever kan eigen voorschriften hebben, te nemen of te laten

  • de tolerantie voor allerlei uitingen van godsdienstigheid of ideologie begint absurde proporties aan te nemen

De beleidvoerders mogen niet zwichten voor de absurde eisen die gelovigen en 'identiteitspushers' stellen. Waarom dan de VDAB moeite doet om gelovigen in hun gezapige coccon van godsdienstvrijheid te laten is onverantwoord. Welcome to the real world.

Merk ook dat uitingen van geloof een bevoorrechte positie krijgen in de dialoog tussen confronterende partijen: meestal zijn uitdrukkingen van de volgende aard voldoende om het gelijk te krijgen ofte het gesprek stop te zetten:

  • 'dit is nu eenmaal mijn geloof' (ad antiquitatem, petitio principii)

  • 'dit is mijn cultuur' (petitio principii)

  • 'ik doe dat omdat mijn ouders dat ook deden' (ad antiquitatem, ad populum)

  • 'ik heb godsdienstvrijheid' (irrelevante reden)

  • 'ik heb recht van meningsuiting en dit is mijn mening' (eenzijdige uitleg)

Conditio sine qua non is een seculiere uitleg krijgen ter verantwoording: enkel zo'n verantwoording gaat de rhetorische grenzen van het religieuze lingo te buiten én die kan begrijpelijk zijn voor iedereen. En kom niet af met: 'Ja, maar de Wittgensteinse taalspelen' bla bla bla' - die leiden tot ethisch relativisme. Een uitleg die begrijpelijk is enkel voor insiders is één grote petitio principii: immers, men verdedigt met behulp van hetgeen men beweert.

Gaap.

Geen opmerkingen: