
Moet je nuttig zijn in een samenleving?
Het functionaliseren van mensen is een controversieel onderwerp. Het uitgangspunt is dat een mensenleven nuttig moet zijn. Het is controversieel omdat daarmee onnuttigheid in de samenleving onwenselijk is. En dan meer bepaald de economische onnuttigheid.
Het gevoelige aan die kwestie is dat je daarmee een hele groep mensen bij wijze van spreken overbodig, want onnutig maakt. Nu, overbodig zijn impliceert niet dat je sociaal gezien geen deel meer mag nemen aan een samenleving of dat je eruit verwijderd moet worden. Het impliceert wel dat er actief aan gewerkt moet worden om mensen te functionaliseren. Dat probeert de overheid met werklozen, met het herintegreren van veroordeelden, door de opvang van anderstalige nieuwkomers, door het begeleiden van jongeren op de arbeidsmarkt.
Dat doet de overheid niet voor niets. Ze investeert in het voortbestaan de maatschappij en de samenleving. De moeite die zij doet, samen met de mensen die actief sociaal of economisch bijdragen, wordt beloond door een hogere levensstandaard. Soms zijn het individu’s of kleine groepen mensen die een grote bijdrage leveren. Ik denk aan Paul Janssens, de mensen achter de oprichting van de E.U., de ontwikkelaars van de sociaal zekerheidssysteem, vakbonden, enz.
Iedereen plukt de vruchten ervan. Toch kun je je afvragen waar het recht vandaan komt om daarvan te kunnen genieten. Is het een onvervreemdbaar recht? Is mogen delen in andermans verwezenlijkingen een verdienste? Ik kan attitudes bedenken waarvan ik vind dat de bezitters ervan niet mogen profiteren van de verwezenlijkingen van anderen: hardnekkige werkweigeraars, bewust daklozen (mensen die geen nut willen hebben in een samenleving, maar wel willen leven bij gratie van de goede wil van anderen), en – meer controversieel – ouders die hebben kunnen beletten zwaar fysiek gehandicapte kinderen te krijgen, of ouders die zelf acute hulp nodig hebben in hun gezin door gebrek aan opvoedkundige capaciteiten. Nu weet ik ook wel dat mensen uit de zorgsector dit broodroof zouden vinden – zij parasiteren immers op het (soms gekozen) ongeluk van ouders die om ongekende redenen toch kozen om zo’n kinderen te krijgen. Een inexcusable omstandigheid vind ik het halsstarrig weigeren van abortus door ouders die niet mogen van hun geloof of die ondanks alle medische raad tegen toch prematuren op de wereld zetten en er dan voor de rest van hun dagen aan hangen en medelijden willen voor hun gekozen lot.
Het ligt gevoelig. Toch vind ik dat er ingegrepen moet worden bij ouders die:
1. Pedagogisch achterlijk zijn ofwel niet weten hoe ze een kind moeten opvoeden.
2. Ouders die verschillende kinderen hebben bij verschillende partners.
3. Ouders met sociopathische kenmerken.
4. Ouders die hun kinderen sektarisch opvoeden.
Waarom moeten nu bovengenoemde gevallen aangepakt worden?
1. Zij dragen niks bij aan de samenleving. Hun kinderen kosten geld zonder er iets voor terug te geven.
2. Bewust daklozen verdienen het niet onderhouden worden door voorbijgangers of anderen. Zij willen krijgen en niet geven.
3. Ouders met verschillende kinderen van verschillende partners maken het samenleven te complex. Die complexiteit is op zich niet immoreel, de negatieve gevolgen van zo’n samenlevingsvormen echter: kinderen die geen solide opvoedingsbasis hebben (een ramp voor sociale integratie), meestal laaggeschoold zijn en blijven, alcoholproblemen, incestueus gerommel, enz.
4. Sektarische ouders werken de sociale integratie tegen door hun zwart/wit-gedoe over de goeden en de slechten.
2. Bewust daklozen verdienen het niet onderhouden worden door voorbijgangers of anderen. Zij willen krijgen en niet geven.
3. Ouders met verschillende kinderen van verschillende partners maken het samenleven te complex. Die complexiteit is op zich niet immoreel, de negatieve gevolgen van zo’n samenlevingsvormen echter: kinderen die geen solide opvoedingsbasis hebben (een ramp voor sociale integratie), meestal laaggeschoold zijn en blijven, alcoholproblemen, incestueus gerommel, enz.
4. Sektarische ouders werken de sociale integratie tegen door hun zwart/wit-gedoe over de goeden en de slechten.
Dat de actieve beroepsbevolking fiscaal moet bijdragen om zo’n mensen te onderhouden is een economisch en sociaal verlies. Niet geld moet gegeven worden, maar gerichte en nuttige opleidingen die empowerment geven. Geen zever. Dat ze zichzelf kunnen redden. Dat kan inhouden: sterilisatie van kinderklungels van ouders, intrekken van steun aan het profitariaat, enz.
Je zou de indruk hebben dat ondanks het feit dat hun leven een tranendal is, ze relatief comfortabel vegeteren op UW geld. Is dat een bedrag dat gij graag afstaat, wetende dat dat geld méér geluk kan brengen in de wereld, dan wel ongeluk onderhouden? Maar het gaat ook op voor rusthuizen voor kloosterlingen, de zusterkes, de betalingen van priesters, imams, rabbijnen, enz.
Met andere woorden, wie voor beter kon kiezen moet niet klagen over zijn slechte keuze. Nuttig zijn is noodzakelijk als een collectief een progressief wil worden. Onnutigheid vertraagt de ontwikkeling van een steeds groeiende levensstandaard. En die zijn we verschuldigd aan degenen die na ons komen.
Je zou de indruk hebben dat ondanks het feit dat hun leven een tranendal is, ze relatief comfortabel vegeteren op UW geld. Is dat een bedrag dat gij graag afstaat, wetende dat dat geld méér geluk kan brengen in de wereld, dan wel ongeluk onderhouden? Maar het gaat ook op voor rusthuizen voor kloosterlingen, de zusterkes, de betalingen van priesters, imams, rabbijnen, enz.
Met andere woorden, wie voor beter kon kiezen moet niet klagen over zijn slechte keuze. Nuttig zijn is noodzakelijk als een collectief een progressief wil worden. Onnutigheid vertraagt de ontwikkeling van een steeds groeiende levensstandaard. En die zijn we verschuldigd aan degenen die na ons komen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten