
Vrijgevigheid als intimidatie
Vrijgevigheid is een deugd die wordt geprezen. Toch, niet altijd is zij een bron van vreugde voor de ontvanger.
Zo stond ik onlangs aan de Lidl in Korbeek-Lo een karretje uit de rekken te trekken toen ik opmerkte dat een ouder paar naast mij niet de geschikte munten vond om een karretje te kunnen ontkoppelen. Ik zag dat ze de nodige 50€c niet hadden en grabbelde in mijn portemonnee om hen een muntstuk aan te bieden. Ze sloegen dit meteen af omdat ze niet wisten hoe ze het muntstuk terug konden geven (een ad ignorantiam). Ik stelde schertsend voor dat ze de 50€c op mijn rekening konden storten en zei vervolgens met goede bedoelingen dat ze ze mochten hebben. De oudere man deinste daar van terug en het leek wel alsof hij het als een belediging opnam dat ik hem geld 'gaf'. Misschien dacht hij dat ik hen als armen beschouwde en door het muntstuk aan te nemen het impliciet bevestigd werd. Misschien ging er een trots uit van hen beiden om geen geld aan te nemen van 'een jongere gast'.
Ik leidde af dat niet ieder het kan appreciëren geld aangeboden te krijgen als hulp en dat er culturele waarden mee gemoeid waren. Het ligt in ieder geval gevoelig geld aangeboden te krijgen bij hulp en het geval kwam me over als vrijgevigheid die als intimiderend wordt ervaren.
Omgekeerd heb ik eens meegemaakt dat een bedelaar het als een belediging leek op te nemen dat ik hem een (Turks) brood aanbood in plaats van geld te geven. Strange, but true.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten